Klik op desbetreffend artikel

We hebben het gehaald - New York City Marathon goed voor goede doelen - Het unieke verhaal
Uitslagen - Zielsgelukkig aan finish van slijtageslag - New York Marathon, 'a beautiful bitch'
'Topsporter ben je voor altijd' - Zoon neemt stokje over van ouders - Marti ten Kate, tevreden
Urenlang zij aan zij - Cadeautje voor kleindochtertje - First Avenue in het oranje - Reacties marathon
Maar 4 uitvallers - Gevecht van lijden en liefde - Pijn trotseren - Laat Fons Krabbe maar lopen
In de wolken - De beentjes waren er aan toe - Hennie Ensink recht de rug - Verjaardag van Bianca
Hillary Clinton aan oog ontsnapt - Efteling-gevoel in New York - Wethouder klaar voor marathon
Een onvergetelijke ervaring

Ik kwam een paar mensen tegen op de volgende pagina's Klik hier
184-Leo, 134-André, 133-Martin, 161-Leo, 213-Fred, 216-Dolf en Addy, 253-19673, 261-Theo, 273-Eveline, 276-30975, 286-Peter, 291-43085, 295-Herma, 307-Lucia, 321-Johan, 324-Wim Dekker, 334-Assink
Loopteam is weer thuis
De lezersgroep van De Twentsche Courant Tubantia, die zondag met veel succes deelnam aan de New York City Marathon, is weer thuis. Met diverse bussen arriveerden de 175 atleten en hun 75 supporters in de loop van dinsdag in Enschede bij het hoofdkantoor van de krant. Het werd een soms emotioneel weerzien met tal van familieleden en bekenden, die vanuit Nederland hun avonturen in New York nauwlettend via krant en website volgden. Alle deelnemers kregen op Schiphol al de speciale bijlage van vanmorgen over het geslaagde project 'Met Marti naar Manhattan' in hun handen gedrukt. Daarin staan sfeerverhalen, reacties, uitslagen en uiteraard veel foto's van het verblijf van het loopteam onder leiding van Marti ten Kate in de 'Big Apple'. In Enschede werden ze opgewacht met koffie en krentenwegge en kregen ze onder meer alle kranten van de afgelopen week, waarin hun heldendaden werden beschreven en in beeld werden gebracht.
 
We hebben het gehaald, bedankt
Een voorbereiding om van te dromen, gevolgd door de ontlading in Central Park. Ruim een jaar geleden begon het met een paginagrote advertentie in De Twentse Courant Tubantia, waarin deze uitdaging werd aangekondigd. Het is het (voorlopige) slotakkoord van tien jaar clinics in de voorbereiding op de halve marathon van Enschede. Met deze projecten hebben jullie ruim achtduizend mensen in beweging gekregen. Een combinatie van journalistiek en enthousiasme voor de loopsport. Alles wat de afgelopen tien jaar heeft opgeleverd, is in overtreffende trap in dit marathonproject teruggekomen. Na een wat aarzelend begin, heeft het een enorme vlucht genomen. Wat dit onder de deelnemers heeft teweeggebracht, is nauwelijks te beschrijven, dit moet je hebben meegemaakt. Het gebruik van de internetpagina, de presentatie van de lopers in de krant, de trainingen op de Holterberg en in De Lutte, de busreis naar Almere, ga zo maar door. Er is een saamhorigheid en vriendschap ontstaan, die ons allemaal verbaast, maar die ook heeft bijgedragen om van deze uitdaging een enorm succes te maken. Helaas heeft een enkeling van onze groep door blessures de finish in Central Park niet kunnen halen, alleen daarom al verdient het een herkansing.

Nu zit het erop, de voorbereiding, de reis naar New York en de marathon zelf. Het begon voor ons met een advertentie in de krant, wij willen jullie bedanken via dezelfde krant. Om niemand te kort te doen geen namen, maar alle medewerkers en medewerksters, voor en achter de schermen, betrokken bij de organisatie, de reis, de sportieve of de medische begeleiding: Bedank, bedankt, bedankt. Jullie hebben het ons mogelijk gemaakt om iets te presteren en te beleven, waar we nog lang over zullen praten. Tot slot wensen wij jullie succes met de nieuwe sportieve projecten die gaan beginnen, maar realiseer je daarbij wel, 'Met Marti naar Manhattan' is niet te overtreffen.

Ale Spijksma, namens de 175 Twentse en Achterhoekse lopers
New York City Marathon goed voor goede doelen
Hoewel de marathonreis naar New York vooral een bijzondere ervaring was voor de lopers uit Twente en de Achterhoek, toch was er ook oog voor anderen. In de afgelopen maanden werden vele acties opgezet om geld bijeen te brengen voor uiteenlopende charitatieve doelen. Met een opbrengst van zeker 10.000 euro kan Frans Mensink (foto) tevreden zijn. Niet alleen liep de 58-jarige Enschedeër de marathon uit, hij leverde ook nog eens een opmerkelijke financiële bijdrage aan het wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties.

Tal van lopers uit het lezersteam van De Twentsche Courant Tubantia en Marti ten Kate deden een duit in het zakje. Zo besloten de gebroeders Benno en Johan Tijdhof met enkele kameraden te gaan lopen voor de jeugd in Ruanda. Goederen en ongeveer 5.000 euro zijn inmiddels door sympathisanten toegezegd. De stichting Karibu van de gezusters Tieberink zet met de schenkingen nieuwe projecten in Afrika op.

Op initiatief van Jan van Alstede en Herman Hollak werd een actie gehouden voor drie tehuizen voor gehandicapten. De zwemonderwijzers Peter en Yvonne Verbree hebben 'geld als water' weten binnen te halen voor de Stichting Matthijs. De opbrengst komt ten goede aan onderzoek naar de bestrijding van spierziekten. Eddy te Loo uit Winterswijk en zijn plaatsgenoot Ronald de Rooij hebben zich door familie, vrienden, bekenden en collega's laten sponsoren. Een van de inzamelingen is bedoeld voor een kinderhuis in Roemenië. Ook veel Amerikaanse lopers - te herkennen aan shirts met namen van mensen die aan kanker zijn overleden - liepen de New York Marathon voor een goed doel: kankerbestrijding.
Het unieke verhaal van de New York Marathon
Elke marathon schrijft zijn eigen verhaal. Maar de marathon van New York is een verhaal op zich. Dat onderschrijven alle Twentse en Achterhoekse deelnemers van het marathonproject 'Met Marti naar Manhattan'. De ervaringen lopen uiteen. Maar bovenal is er, bij wie finishte, de voldoening en de wetenschap dat Manhattan in de novemberzon voor eeuwig in het geheugen staat gegrift.

De een staat met een koel pilsje in de hand, de ander wil zo snel mogelijk de lift in. Op naar de kamer, op naar de douche. De marathon van New York is een evenement van gemengde gevoelens. Sommige dingen veranderen nooit. Het enthousiaste Amerikaanse publiek, de ellenlange bruggen die maar niet korter willen worden, de tegenvallende laatste mijlen in Central Park. Maar dit jaar was er iets nieuws, iets dat deed denken aan de editie van 1993: de hitte.

New York in deze tijd van het jaar is een klimatologisch raadsel. Het kan een ouderwetse herfst naar Nederlands model zijn. Maar evenzeer kan de temperatuur boven de 20 graden komen. Zo warm werd het zondag niet, maar warm was het; daar waren bijna alle deelnemers het over eens. Bovendien leent het parcours zich niet voor hitte. Trainer-coach Marti ten Kate: 'De eerste 16 kilometer loop je alleen maar van de wind af. In de zon. Dat betaal je later in het parcours terug.'

Wat doet een atleet als het warm is? Hij gaat veel drinken om het vochtverlies aan te vullen. Dat nu gaat gepaard met maagklachten, omdat de maag de liters water niet kan verwerken. En zo kwam menigeen in het laatste deel van het parcours in de problemen. Maar trots waren degenen die gefinisht zijn allemaal. Menigeen die meerdere marathons achter zijn naam heeft staan, vond New York de mooiste, maar ook de zwaarste. De combinatie van de warmte met het vals plat, deed de spieren verstijven. Als je dan toch finisht, dan maakt het niet uit of je de eerste of de laatste bent.

Neem nu Nelly van den Broek uit Losser. Een jaar lang voorbereiding dreigde in droefheid te eindigen bij de keuring aan de start. De artsen vonden haar bloeddruk te hoog. Op zich is een hoge bloeddruk vlak voor een belangrijke beproeving niet ongewoon. De spanning in het lichaam vertaalt zich in de bloeddruk. De artsen wilden haar nog een kans geven. Zij moest een uur later terugkomen voor een tweede test. Maar voor die tweede test kwam Nelly niet opdagen, bang als ze was voor een startverbod. Ze vertrok en liep de marathon uit in 4 uur en 54 minuten.

En neem nu Benno Tijdhof uit Aadorp. De dagen voorafgaande aan de marathon zoemde het nieuws door het hotel dat Benno niet mee zou kunnen doen. Een hamstringblessure speelde zo op, dat het uitgesloten leek om daarmee 42 kilometer en 195 meter te lopen. Fysiotherapeut Frank Koehorst zag het somber in, maar begreep ook de emotie van de loper. Zaterdagavond zette Koehorst het licht op groen, althans waar het de start betrof. Zwaar ingetapet verscheen Benno aan het vertrek. 'Na dertien mijl kreeg ik al last. Op het laatst kon ik geen stap meer verzetten en geen boe of bah meer zeggen. Ik kon niet genieten. Ik kon alleen maar doorgaan. En ik heb 'm.' Benno Tijdhof kwam na 4 uur en 50 minuten over de streep. Een medisch wonder was geschied.

En wat te denken van Xander Franssen uit Almelo. Hij was waarschijnlijk het grote slachtoffer van de warmte. Hij liep al in Central Park, had de finish voor het grijpen, liep minder dan een halve mijl van het verlossende einde. Toen ging hij gestrekt, onderuit. 'Ik denk zoutgebrek'. Hij werd naar het ziekenhuis vervoerd en aan het infuus gelegd. Tegen de avond verscheen hij weer in het hotel; een ervaring rijker, een illusie armer. Het toont maar weer eens aan dat de marathon voor iedereen een verrassing in petto heeft. Iedereen heeft zijn of haar grote of kleine tegenslagen en aan het einde van de rit is de een gelukkig en de ander droevig. Het is het verhaal van de sport, die altijd winnaars kent, maar een winnaar kan niet zonder een verliezer. Ze zijn als een Siamese tweeling aan elkaar vastgeklonken.

De vrouwelijke winnaar in de Twents/Achterhoekse ploeg luistert naar de naam Josien Aveskamp (zie elders in deze bijlage), de mannelijke triomfator was Benno Lutje Wagelaar, 43, uit Hengelo. Zijn prestatie krijgt extra waarde omdat de leerling de meester versloeg. Lutje Wagelaar bleef Marti ten Kate zes minuten voor: 2 uur 57 om 3 uur 3 minuten. Het was voor Lutje Wagelaar de vierde marathon. Hij had zichzelf voor New York de nodige druk opgelegd. Hij wilde een persoonlijk record lopen en dat is hem gelukt. 'Ik liep samen op met een Duitser die in mijn startvak stond. Dat heeft me gered, want anders zou ik het record niet hebben gehaald. In Central Park voelde het alsof mijn benen uit elkaar klapten.' Er was een excuus voor Lutje Wagelaar. 'Ik heb geen geweldige voorbereiding gehad. Ik ben verhuisd en daartussen zat ook nog een vakantie.' Lutje Wagelaar was ook niet zo euforisch als veel andere atleten die in het hotel terugkeerden, ondanks zijn prachtige tijd en ondanks het feit dat hij de snelste van de groep was. 'Ik vond Berlijn mooier en beter georganiseerd. Maar je moet New York een keer hebben meegemaakt. Dat vind ik wel.'

Sommigen zullen de smaak nu te pakken hebben en terug willen keren. Anderen vonden het een unieke ervaring; onvergetelijk maar eenmalig. Maar allemaal hebben ze iets met elkaar gemeen. Ze willen laten zien dat het lichaam veel kan als de geest het wil. De 180 deelnemers aan het project 'Met Marti naar Manhattan' keren ergens terug. In de marathon van Enschede of Rotterdam, of die in Londen of Berlijn. Of misschien wel in New York; over een aantal jaren als het fotoalbum nog eens wordt doorgenomen.
Zielsgelukkig aan finish van slijtageslag
Spanning en twijfels. Maar ook gretigheid, om na een jaar trainen eindelijk van start te gaan. Zo staan we op een zonnige zondagochtend met 175 Tukkers en Achterhoekers aan het begin van de ING New York City Marathon. Zal het moeilijk zijn? Halen we de finish? En komen we elkaar, gestoken in fel oranje, onderweg nog tegen?

Dolf Ruesink
Op de Verrazano Bridge ben ik in een mum van tijd mijn Haaksbergse metgezellen Cor van Meerendonk, Johan Klein Breteler en Henriette Jager uit het oog verloren. Maandenlang trek je met elkaar op en dan gaat iedereen zijn eigen weg. De eerste kilometers door Brooklyn zijn heerlijk. Bluesmuziek en gospels. Ik word voorbijgesneld door Titus Olthof. 'Ga maar genieten Dolf', krijg ik nog mee en weg is dit vertrouwde lapje oranje. Het duurt zeker tien kilometer voor ik teamgenoten in zicht krijg. In de marathon ben je helemaal op jezelf aangewezen. Het wordt warmer en warmer. Gelukkig ben ik luchtig gekleed. Onderweg zie ik evenwel veel lopers die zich nog ontdoen van overbodige kleding. Aangezien ik mijn voornaam niet op het singlet heb geschreven - zoals veel teamgenoten - ga ik als anonieme Nederlander door Queens. Zou dat de reden zijn dat de Joodse bewoners op het trottoir nauwelijks geïnteresseerd zijn? Bij het Holland Point op de brede First Avenue hoor ik gegil van supporters. Mijn snelheid op het aflopende parcours is daar nog van dien aard, dat ik amper mee krijg wie er schreeuwen. Vanaf nu gaat het tempo rap omlaag. Rick Wildeman en Berto Somsen passeren me als jonge goden en plotseling stuift ook dierenarts Fred Nibbelink voorbij. Zou hij geheime preparaten hebben? Mijn benen zeggen dat ik moet stoppen, alleen op wilskracht lukt het nog om de draai naar Central Park te maken. Daar schrik ik. Ben Haarhuis uit Geesteren wordt ondersteund door drie hulpverleners. Hij staat nog wel, maar daar is alles mee gezegd. 'Oh wat zwaar, ik heb last van mijn darmen', roept Attje Boom me toe. Ze gaat wandelen. Dat wil ik eigenlijk ook, maar de geest zeg 'nee'. In 4.15 uur finish ik. Zielsgelukkig en tegelijk bezorgd. Heeft 'oranje' deze slijtageslag doorstaan?
New York Marathon, 'a beautiful bitch'
Wat maakt de marathon van New York zo speciaal, dat er liefst 36.000 lopers op af komen. Het zijn 42 slopende kilometers, maar de mooiste die je je als gedreven loper kunt voorstellen. New York kan kilometers lang een nachtmerrie zijn, maar als de finish opdoemt, is het plotsklaps een mooie droom die is uitgekomen.

Ronald Vrugteman
'New York is a bitch'; de marathon van New York welteverstaan. Waarom? Omdat er bijna geen vlak stuk in het parcours zit. Veel vals plat, akelig steile bruggen en het mooie Central Park, dat je echter verwenst als je die laatste kilometers naar de finish zwoegt. Hoe fijn en opbeurend is het dan dat rijen dik New Yorkers je aanmoedigen, vertellen hoe goed je er wel niet uitziet ('You're looking great') en dat je het ongetwijfeld gaat halen (You're gonna make it'). Maar voor je die laatste meters kunt wegstampen en die mooiste aller medailles trots als een pauw om je nek kunt laten bungelen, heb je er in uren zo ongeveer een werkdag opzitten. Een dag die begint om vijf uur zondagmorgen, wanneer in 'the city that never sleeps' het overgrote deel van de New Yorkers nog op een oor ligt. Aan de voet van de eerste hindernis, Verrazano Narrows Bridge, buldert om exact tien over tien het kanon. Weg stuiven de toppers en alles wat daar achteraan komt schuifelt de brug op. Op 4th Avenue in Brooklyn word je meteen verwelkomd door een rockband. De rug wordt recht, de pas sneller. 'If you can make it there, you can make it everywhere' en zelfs de stoïcijns overstekende orthodoxe joden op Lafayette kunnen de pret niet drukken. Queensboro Bridge brengt je op de lange First Avenue, waar je kuiten en bovenbenen flink gaat voelen en je tandenknarsend moet constateren dat duizenden lopers al veel verder zijn dan jij. Zonder dat je het je realiseert, passeer je de finish in Central Park. Je telt het laatste stuk niet meer per vijf mijl, maar mijl na mijl: 23, 24, 25, 26 en dan nog maar 200 yards. En dan finish, medaille en warmhoud-folie. En terug wandelen naar je hotel met de intense voldoening dat mensen op straat bewonderend naar die kingsize-herinnering om je nek staren. 'You did the marathon, great.'
'Topsporter ben je voor altijd'
Kirsten Gleis, oud-volleybalinternational. Besloot deel te nemen aan het project hoewel ze niets zag in een marathon. Zij is meer een interval-sporter. Een topsporter ben je echter voor altijd.

'Ik heb als volleybalster soms trainingsdagen van negen uur meegemaakt. Dan verzuur je even, maar de andere oefeningen zorgen er voor dat je andere spiergroepen aanspreekt. Je bent het ene moment aan het verdedigen en het andere moment doe je iets anders. Dit, zo'n marathon lopen, is vreselijk. Dit is zo eentonig. Mijn tijd houd ook niet echt over: 4 uur en 54 minuten. Ik had de halve marathon gelopen en op basis daarvan had ik moeten uitkomen op 4.14.Maar goed, de warmte hier speelde natuurlijk ook een rol.

Het is moeilijk om nu, zo kort na New York iets te zeggen over de toekomst, maar zoals ik er nu tegenover sta, zal ik geen volgende marathon lopen. Ik zal best nog aftrainen en ik zal misschien ook nog wel een halve lopen. Maar dit? Kijk, de kans kwam om het te doen. Een marathon lopen met een groep hartstikke leuk mensen. Het was nu of nooit, maar als zo'n marathon in Almere was gehouden: ik geloof niet dat ik het had volgehouden. Hier staan gewoon aardige mensen langs de kant. Die gekke Amerikanen die je aanmoedigen en zo. Maar verder. Het is een puur mentale bezigheid. Het mooie is wel dat er geen superatleten aan de marathon deelnemen. De sfeer is geweldig, ook de afgelopen maanden in de clinics. Ik zal zeker naar iets op zoek gaan; dat zit in me. Maar of het weer een marathon is...'
Zoon neemt stokje over van ouders
Een niet-alledaagse verschijning in het team van Marti ten Kate was de familie Grefte uit Bentelo. Met z'n drieën deden ze mee aan de 35e editie van de New York City Marathon. Het betekende tevens het marathonafscheid van vader en moeder Grefte.

Vader Ben Grefte (64) sloot in New York zijn marathoncarrière af. 'Ík heb er in totaal 36 stuks gelopen, nu is het absoluut afgelopen.' Moeder José Grefte (63) houdt het ook gezien met de langste loopafstand. 'New York was mijn laatste, mijn beroerdste en mijn slechtste marathon. Ik kon door een epilepsie-aanval in september weinig trainen, bovendien had ik zondag tijdens de wedstrijd diarree. Nergens kon ik langs het parcours op het moment dat ik moest een toilet vinden. Daarom ben ik een pizzeria in gevlucht.'

Zoon Han Grefte (32) moet nu de fakkel overnemen. Hij debuteerde in New York zeer verdienstelijk, maar moest zijn veertig jaar oudere vader ruim voor laten gaan. 'Toch was New York niet mijn gemakkelijkste marathon', zegt senior. 'Je moet hier niet naar toe komen om een persoonlijk record aan te scherpen.' José werd door menigeen voor gek verklaard dat ze ondanks haar ziekte toch naar deze zware wedstrijd was afgereisd. 'Ik had het bepaald niet gemakkelijk, maar opgeven? Nee dat doe ik nooit!' Het echtpaar blijft lid van de atletiekvereniging LAAC Twente en gaat zich nu toeleggen op het 'korte' werk, zoals een halve marathon. De Greftes hebben genoten in New York, al deden ze niet aan alle programma-onderdelen mee. 'Dat was ons te vermoeiend.'
Marti ten Kate, een tevreden trainer-coach
Meer dan een jaar werkte Marti ten Kate aan het project 'Met Marti naar Manhattan'. Met 174 andere lopers stond hij aan het vertrek op Staten Island. De eindbalans van een uniek project.

In zijn topdagen liep Marti ten Kate 200 kilometer per week. Nu zit hij op de helft. Hij weet nog precies hoe hij een veertiental jaren geleden in de marathon van New York lang in de kopgroep vertoefde. 'We draaiden First Avenue op en ik zag die lange, brede weg voor me met al die mensen langs de kant. Ik liep in de kopgroep van de marathon van New York. Dat was fantastisch.'

Jaren later keert Marti terug als trainer-coach 174 lopers die de afgelopen maanden hebben geleefd als een monnik en getraind als een prof. De verhalen zijn bekend. Maaltijden die verschoven werden, oppas die moest worden geregeld; het gezinsleven stond in dienst van de marathon van papa, mama of soms van beiden. Het was ook voor Marti ten Kate een geweldige ervaring. 'Ik had natuurlijk wel halve marathons begeleid als trainer-coach, maar dit is toch van een heel andere orde van grootte.'
Ten Kate begon vorig najaar met de groep, die toen veel groter was, omdat ook deelnemers aan de halve marathon van Enschede konden inschrijven. Onder hen bevonden zich ook al degenen die zich tijdens de Lezersdagen 2003 van De Twentsche Courant Tubantia hadden aangemeld voor de marathon van New York.

Aanvankelijk zou het om 150 plaatsen gaan, maar deze krant slaagde erin het aantal te verhogen tot 180, wat gelet op het enthousiasme van de kandidaat-lopers geen overbodige luxe was. Een keer in de vier weken kwam de groep bij elkaar voor de clinic onder leiding van Ten Kate. Die was gekoppeld aan een thuisprogramma dat bepaald pittig was. In het tweede deel van dit jaar werd het programma uitgebreid. Tussen de clinics door werden extra sessies gehouden in Nijverdal en De Lutte. 'Ik denk dat die heel zinvol zijn geweest', zegt Ten Kate. 'Die lange duurlopen hebben geweldig bijgedragen aan de prestaties die de atleten hier in New York hebben geleverd.'

Ten Kate werd uiteindelijk verslagen door een van zijn pupillen: Benno Lutje Wagelaar. Hij had zaterdagavond al gezegd dat - mocht hij niet de snelste zijn - Lutje Wagelaar een van de kandidaten zou zijn om hem te kloppen. Ten Kate vindt echter de tijd op zich niet eens het belangrijkste. 'Er zijn mensen die bij het begin van de clinics achteraan liepen. Die mensen zijn in het project enorm gegroeid en hebben vandaag een prima marathon gelopen. Een marathon lopen is iets specifieks. Je moet lopen naar je vermogen. Dat hebben de atleten vandaag gedaan.'

Ten Kate noemt de prestaties ook 'degelijk en overeenkomstig de verwachtingen'. 'Je moet het bovendien afzetten tegen de omstandigheden. De eerste 16 kilometer met de zon pal in je gezicht waren slopend'. Heeft hij zelf tijdens de clinics getwijfeld? Heeft hij misschien wel eens de gedachte gehad dat het op een of andere manier niet goed zou gaan? Heeft hij wel eens gedacht dat er tegen mensen gezegd zou moeten worden: 'Meneer of mevrouw, het is beter als u niet deelneemt'. Nee, eigenlijk niet. 'Wie ben ik om nee te zeggen tegen de lopers die zich zo enthousiast hebben aangemeld? Bovendien, ik zei het al, mensen verbeteren. Nee, ik ben met de prestaties van de mensen dik tevreden'.
En Ten Kate zelf? Hoe kijkt hij terug op zijn marathon. 'Het eerste stuk ging goed, zeker tot en met het Holland Point. Toen heb ik even een terugslag gehad en op het eind ging het weer beter. Drie uur drie is redelijk'.
Urenlang zij aan zij
Herma en Wim Klein Poelhuis uit Buurse liepen gisteren 4 uur en 41 minuten lang zij aan zij door de straten van New York. De volle 42 kilometer en 195 meter verloren ze elkaar geen seconde uit het oog. Samen uit, samen thuis als man en vrouw was hun parool. En dat bleef het.

Hand in hand kwamen ze over de finish. Ze kusten elkaar innig en stelden vast dat ze het karwei als een onverbrekelijke eenheid hadden geklaard. Voor Wim en Herma Klein Poelhuis de meest normale zaak van de wereld. Wim: 'De tijd interesseerde ons niet, we wilden gewoon lekker lopen samen en dat hebben we gedaan. We hebben in 1999 de marathon van Enschede gelopen en dat vonden we fantastisch. Toen hebben we afgesproken dat de volgende marathon een heel bijzondere moest zijn. En dat was het. Ronduit eenmalig.'

En Herma: ' We zijn een jaartje of zestien geleden begonnen met lopen. Eerst hele korte stukjes van 800 meter, van lieverlee steeds een eindje verder. We hebben het altijd samen gedaan, vooral de voorbereiding hierop en de clinics. Dat is reuze handig, want zo hoeft de ene partner de ander niet te missen en is het voor allebei even leuk als je het over New York hebt.' Voor Claudia Groeneveld en Gerhard Jonkeren uit Enschede zat een dergelijk vergaand 'samenwerkingsverband' er niet in. Jonkeren maakte de laatste clinics niet mee als gevolg van een knieblessure en heeft bovendien een heel ander looptempo dan zijn vriendin. 'Dan doe je elkaar geen plezier door samen te gaan lopen.'

Vorig jaar raakten ze besmet met het loopvirus, toen ze in een plaatselijke kroeg beelden zagen van de marathon in New York. De oproep voor de clinics van Marti ten Kate deed de rest. 'We zuipen nu niet meer zoals een jaar of twee geleden', lacht Claudia, 'we leven nu heel anders.' Gerhard: ' We gaan nu eerst lopen en drinken dan lekker een biertje.' Onderweg hebben ze elkaar niet gezien. Claudia is het eerst terug in het hotel, maar Gerhard was eerder aan de meet. 'Hij is samen met Allard (Nijhuis, red) aan het nagenieten in Central Park. In die drukte heb ik ze niet kunnen vinden.'

Ook voor Leo en Nelly van den Broek uit Losser is samenlopen geen optie, vanwege het verschil in tempo tussen de twee. Hij: 'Maar het is wel heel plezierig dat je allebei meedoet. Dan kun je mekaar mooi stimuleren. Dat is fantastisch, zeker nu de kinderen het huis uit zijn.
Je kunt lopen zoveel en wanneer je maar wilt.'

Leo is na afloop zichtbaar opgelucht zijn vrouw Nelly in goede doen in het hotel aan te treffen. 'Ik maakte me echt zorgen en had liever gehad dat ze niet had gelopen.' Netty zag de marathon bijna aan zich voorbijgaan, omdat kort voor de wedstrijd bleek dat ze last had van hoge bloeddruk. Het advies zich na een uurtje te laten herkeuren, sloeg ze in de wind. 'Je denkt toch niet dat ik me dit laat afpakken?', aldus de 63-jarige Losserse. Ze was voor de tweede keer deelnemer in The Big Apple. 'Ook in Berlijn hebben we twee keer meegedaan. Als je aan zo'n afstand begint, moet er wel een leuk reisje aan vast zitten. Het was schitterend met al die Tukkers en ik maak deze week wel braaf een afspraak met mijn huisarts.' Truus en John Bekke lopen in een wedstrijd in de wedstrijd om wie het snelst was van de twee. Truus wint, met overmacht
.

Cadeautje voor kleindochtertje
Voor Wim Gelinck was de zevende november in meer dan één opzicht bijzonder. Dat de 62-jarige monteur uit Hengelo na vijf uur en tien minuten voor het eerst in zijn leven een marathon succesvol afsloot, was een prestatie op zich. Het was tevens een symbolisch cadeautje voor zijn kleindochter Nienke. Die vierde haar eerste verjaardag in Middelharnis zonder hem.
'Dat die kleine jarig was, heeft me onderweg veel kracht gegeven. Ik heb er veel aan moeten den ken. Ik was natuurlijk ook best graag op haar verjaardag geweest, maar ik had me hiervoor al opgegeven voor ze geboren is. En eerlijk gezegd denk ik niet, dat iemand het me kwalijk neemt dat ik nu hier ben. Ik heb genoten, al was het heel vermoeiend. Ik had een tijd van 4.30 voor ogen, maar op zo'n dag moet wel alles kloppen. Op het laatst ben je drukker met jezelf dan met je omgeving. Al heb ik vlak voor het einde nog iemand moed ingesproken, die voor me strompelde. Ik zei: "You're looking good." Hopelijk heeft het geholpen.'
First Avenue in het oranje
Op de hoek van 79th. Street en First Avenue is oranje de allesbepalende kleur. Daar vinden de Nederlandse supporters hun plek, in afwachting van de deelnemers aan de New York City Marathon. De lopers uit deze regio kunnen er niet omheen als ze er na 28 loodzware kilometers passeren. Het is alleen wel even zoeken als ze daar hun geliefde willen ontdekken.

Ze zijn er royaal op tijd, nog voor het startschot voor de marathon elders in de stad wordt gegeven. Vaak gehuld in oranje overall, shirt of trui, met een pruik op het hoofd of uitgerust met een fluitje of toeter. De stemming zit er van meet af aan prima in. Ver voordat Hubert Nijland zich rond twaalf uur als eerste loper van het team van de dan op enkele tientallen meters volgende Marti ten Kate zich meldt, vergapen ze zich aan de wedstrijden voor minder validen. En raken ze onder de indruk hoe knap sommige deelnemers ondanks zware handicaps de aanval op de 42 kilometer en 195 meter aangaan. In een flits zien ze ook de kopgroep bij de vrouwen, met de Nederlandse Lorna Kiplagat, voorbij stuiven.

Auke, Suze en Maya Hoekstra, Henk en Miranda ter Woerds uit Neede, behoren tot de ongeveer vijftig fans, die met de loopgroep van deze krant zijn meegereisd naar New York. Ze komen om Miranda's man Herbert, Ans Kersten en Maya's echtgenoot Kees van den Bosch te steunen. Met uitzondering van Maya hebben ze voor het eerst gevlogen. Miranda ter Woerds: 'We wilden graag een keer vliegen. We hebben inmiddels al drie vluchten gehad, want we zaten woensdag in de groep van Marti ten Kate, haha.'

Ze heeft geen enkel probleem met de loophobby van haar man. 'Integendeel, het is hartstikke leuk en we staan er helemaal achter. De meiden van elf en dertien eten de pasta's mee. En andere keren, als Herbert ('Herby' in New York) apart eet omdat hij in de ploegendienst zit, krijgt hij een Tupperware-bordje opgewarmd en hoppa. We passen ons allemaal aan. Moet ook wel, anders kan het niet.'
Suze Hoekstra signaleert dat de tijden veranderd zijn. 'In onze tijd had je al die magnetrons nog niet', klinkt het. 'Toen Auke nog liep, hadden we drie kinderen op het voorgezet onderwijs en was het toch een stuk lastiger.'

Auke kwam zelf in het verleden uit op de marathons in Enschede en Dülmen, maar fungeert nu als coach voor het drietal Needse atleten. 'Hij is vooral nieuwsgierig naar de verrichtingen van Ans Kersten. 'Ze moet het vandaag alleen doen, omdat ze in de vrouwengroep meeloopt en het dus zonder Herbert en Kees moet stellen. Ze praat altijd nogal veel van zich af tegen die twee en heeft nu geen aanspraak. Benieuwd hoe haar dat afgaat.' Enkele meters verderop bij het 'Holland Point' slaan Stephanie Hannink en Nardy Vaarhorst onvermoeibaar twee opgeblazen 'stokken' op elkaar. Stephanie: 'Bij ons zijn we continue bezig met lopen. Ik ben het wel gewend, omdat ik zelf ook loop. Nee, hier zelf meedoen zat er niet in. Is wat lastig met die hele voorbereiding erbij als je ook nog twee kinderen thuis hebt van dertien en vijftien. Maar ik geniet wel hoor, het is hier fantastisch.' Dat is Nardy helemaal met haar eens. 'Een geweldige sfeer hier. Jammer alleen dat het zo snel om gaat.'

Het is bijna tien voor half een als Ronald de Rooy de Nederlandse kolonie passeert. Letterlijk en figuurlijk, want zijn vrouw Diana ziet hem op enkele meters voorbijflitsen. Blijkbaar gewaarschuwd draait De Rooy om en zoekt hij de rij oranje-fans af. Hij ontwaart zijn geliefde echter niet en besluit op pad te gaan voor zijn laatste veertien kilometers. Diana schiet een foto van hem en kan het niet laten hem even te vervloeken. 'Maar daar meen ik geen donder van hoor', laat ze er snel op volgen. 'Die foto is in elk geval wel gelukt. En ik vind het echt geweldig wat hij doet. En al helemaal omdat hij de laatste maanden steeds geblesseerd is geweest en eigenlijk alleen maar heeft gefietst om in elk geval in conditie te blijven.' Ze ziet van dichtbij toe Stephanie Hannink en Nardy Vaarhorst wel worden geknuffeld door hun mannen.

Als de meeste lopers het punt op 28 kilometer voorbij zijn, wordt het tijd om te verhuizen naar het tweede 'Holland Point' in Central Park, enkele kilometers voor de finish. Het geduld wordt echter nog lang op de proef gesteld. De meesten zien hun man of vrouw pas terug na terugkeer in het lopershotel. Waar ieder zijn eigen verhaal heeft en zijn eigen held of heldin.

Reactie marathon
Wim de Boer (40), Almelo
Een etter
'Wat een etter van een marathon. Geen stukje vlak te bekennen. En het was ook erg warm. Ik was wel blij dat ik veel over de Holterberg heb gelopen. Aan de First Avenue kwam maar geen eind, het volk daar bleef maar juichen. Ik heb diverse mensen aan de kant zien liggen, aan de beademing en met de brandweer erbij. Het mooiste vond ik nonnen en priesters die samen op de muziek stonden te swingen. Een meter of 200 voor de finish kwam ik Richard Folkers tegen. We zijn hand in hand over de finish gegaan. Dat was een mooi moment.'
 
Peter Hannink (44), Wierden
Camera mee
'In Berlijn liep ik al eens 3.21, maar dat kon hier toch niet. Dus heb ik er één groot feest van gemaakt. Ik heb geweldig genoten onderweg. Ik had mijn camera bij me en heb van de hele wereld foto's geschoten. Ik had me helemaal in het rood-wit-blauw geschilderd en m'n naam op het shirtje gepend. Ze schreeuwden me toe met "Come on Peter" en als "colorful boy". Als je dan een reactie teruggaf, was dat fantastisch. In de Bronx viel het me mee. Die bruggen met die lange stukken vals plat vond ik wel verschrikkelijk. Die kelen je wel.'
 
Hans Koier (36), Enschede
Inspiratie
'Toen we woensdagmorgen om vijf uur vertrokken uit Enschede, stonden daar twee collega's van me. Een uit Borne en een uit Hengelo Gelderland, dus ook nog niet naast de deur. Dat heeft me veel inspiratie gegeven. Het was erg zwaar, heuvelachtiger dan verwacht en warmer dan gehoopt. Ik heb steeds goed gedronken en het keurig kunnen volhouden. Onderweg heb ik m'n vrouw Elise twee keer gezien, dat heeft me ook geholpen. Veel harder dan de ruim 3.44 van nu had ik ook niet gekund. Een geweldige belevenis. Zoveel te doen, zoveel mensen.'
 
Sabine Selbach (32), Wierden
Gesloopt
'Vooral die tweede brug vond ik maar een rotding. In mijn gedachten heb ik die gesloopt, dat mag je rustig weten. Verder vond ik het een heel mooie loop. Hoewel het erg zwaar was, heb ik best tijd gehad om alles te zien. Ik heb dan ook compleet genoten, ook van de verschillen in de districten onderweg. Zoiets als die Israelische wijk had ik nooit gezien. Daar was trouwens niet zo veel stemming. Ik heb de smaak hier wel te pakken gekregen. Volgend jaar ga ik Enschede doen en ik wil nog een keer in mijn geboortestad Köoln lopen.'
 
Josien Aveskamp (43), Denekamp
Thuiskomen
'Met een tijd van 3.40 kan ik wel thuiskomen, ik denk dat ik het aardig gedaan heb. Het ging hartstikke goed. Ik had het geluk van een laag startnummer, waardoor ik snel tempo kon maken. Dat zit in me. Bovendien liep ik voor Zambia en moeten ze me nu flink betalen. Ik heb er veel kapot zien gaan, maar zelf gelukkig geen last gehad. Ik kon merken dat ik goed getraind was. De clinics zijn heel effectief geweest, vooral het lopen in De Lutte en op de Holterberg. Ik ben heel trots, ook al omdat iedereen thuis en op het werk zo heeft meegeleefd.'
 
Jos Dijkhuis (44), Hengelo
Een drama
'Tussen 1988 en '92 heb ik tien marathons gelopen. Ik wilde nog een keer een hele mooie doen, deze. Het hele jaar heb ik geen enkel probleem gehad, gisteren kreeg ik opeens last van een spier net boven de knie. Ik voelde het vanaf de eerste stap. Een paar paracetamolletjes hielpen niet veel. Na zeven kilometer was ik mijn coördinatie helemaal kwijt. Het was een drama, ik denk dat de spier gescheurd is en kon niet anders dan uitstappen. Ik ben enorm teleurgesteld, het is voor mij een anticlimax na al die fantastische dagen hiervoor.'
 
Ferrie de Roo (37), Wierden
Zwemmen
'Je kunt rustig trainen in Nijverdal, maar dit is iets heel anders. Het was nou niet bepaald wat je een lekker parcours noemt. Tot 18 mijl ging het van een leien dakje, toen kreeg ik kramp. Moest ik naar beneden overal wandelen. Dan denk je dat je er eindelijk bent, moet je nog dat hele eind om Central Park heen. En nog eens een heel stuk lopen om je kleren bij wagen 58 af te halen. Het doet wel zeer, maar moe ben ik niet echt. Ik had ook nog best vier kilometer kunnen zwemmen. De medaille gaat deze keer niet in de la, ik ga er wat mee doen.'
 
Dick van Zutphen (38), Oldenzaal
Spongebobs
'Voor de derde keer loop ik nu 3.54. Maar deze is echt uniek. Ik ging eigenlijk voor een aanzienlijk snellere tijd. Maar ik heb me een beetje ontfermd over partner Sietze Braaksma, die er doorheen zat. Dit keer kwam mijn sociale gevoel naar boven. Het ging verder heel relaxed. Ik heb het publiek een beetje kunnen opzwepen. De mensen waren enorm enthousiast. Na New York moet ik meteen voor zaken door naar Taipeh. Mijn vier dochters moeten nog een weekje op me wachten. Ik heb spongebobs aan mijn vrouw meegegeven voor ze. '
Maar vier uitvallers
Slechts vier van de 175 deelnemers uit onze regio hebben de eindsprint van de New York Marathon zondag niet gehaald. In de loop van dinsdag keren de lopersgroep onder leiding van Marti ten Kate en de vijftig supporters terug in Enschede.
Gevecht van lijden en liefde
Door André Vis
Tja, wat zeg je nu nadat je gefinisht bent in de marathon van New York. Als die medaille om je hals bungelt, als je over je benen strijkt die je hebt gekoesterd omdat zij je tenslotte in staat stelden de 42 km en 195 meter te volbrengen. Dan zoek je als een van die 185 Twentenaren die gisteren de marathon liepen, naar het juiste woord. Maar je vindt het niet. Noem de ervaring dan maar gewoon groots.

Het hele ritueel hadden ze gevolgd. Veel drinken op zaterdag, energierepen en koeken inslaan om de loze uurtjes voor de start door te komen, zaterdagavond het deelnemersnummer op het oranje singlet spelden en dan gaat royaal voor vijf uur op de zondagochtend de wekker. Dan sta je naast je bed en weet je dat vandaag de dag is waar je zoveel maanden keihard voor hebt getraind, waar je je zoveel voor hebt ontzegd, waarvoor je de knip hebt getrokken omdat je een keer dat gevoel wilt meemaken: de marathon van New York lopen.

Om kwart over vijf verliet het leger Twentse en Achterhoekse marathonlopers het hotel. Kort na zes uur reden de bussen over de beroemde Verrazono Bridge naar Staten Island waar de start plaats had. En de bussen reden maar af en aan. Liefst 36.000 atleten moesten naar het vertrekpunt en tussen die 36.000 blonken vage stipjes oranje.

Die laatste uren voor de start. Koffie, plassen, nog een kop koffie, kan ik nog een keer plassen? En dan de start, de brug over, naar Brooklyn, dan naar Queens, naar Manhattan, een stukje Bronx en terug naar Manhattan waar in het prachtige Central Park de finish ligt. De vijf districten van New York. Maar voor het zover is; die eindeloze avenues, dat lange, zuigende vals plat, maar vooral de warmte. De strakblauwe hemel, de zon die grillige schaduwen op de wolkenkrabbers werpt en die venijnig tussen de gebouwen door prikt, zodat je al snel voelt hoe het zweet uit alle porien gutst. De vraag die dan opkomt: 'Heb ik niet te veel aan'.

Wim de Boer uit Borne zal het bij terugkomst in het hotel krachtig zeggen: 'Je kunt imiteren wat je wilt, maar de hitte, het klimmen; daar kun je niet op trainen.'

De marathon van New York is een constant gevecht van lijden en liefde. Het lijden dat je voelt in je lichaam en je ogen die al dat moois bewonderen dat New York heeft te bieden en die je geest verblijden. Maar er is zoveel meer. Ook de andere zintuigen worden beproefd. Je hoort het kabaal langs de kant, je voelt de spons die je over je gelaat haalt. En steeds weer denk je dat je iets unieks doet. Martin Steenbeke uit Hengelo was getroffen door de orthodoxe joden in Brooklyn. Zij liepen over de trottoirs in hun bekende kledij en keurden de lopers geen blik waardig. ‘Het is toch geen sabbath’, zegt Steenbeke na afloop. En er zijn natuurlijk ijkpunten, hot spots. ‘Daar moet ik komen, daar zie ik dit. Zo’n hotspot vonden de atleten op de First Avenue, die eindeloze laan van zes kilometer rechtuit. Geen bocht, zelfs geen flauwe; om een complex van te krijgen. Maar na enkele kilometers op die First Avenue was het Holland Point gesitueerd. Hier was een stuk van enkele tientallen kilometers afgezet, waar de supporters – uitgedost in oranje – hun geliefden aanmoedigden. Met zijn vijftigen waren ze om negen uur van het hotel naar het Holland Point gelopen, een goede 13 kilometer van de finish. Want wat zou een marathonloper zijn zonder de steun van het thuisfront. Het leven is in de familie maanden ingesteld geweest op die zevende november; en dit grootse moment dat ‘mijn geliefde het kruispunt van First Avenue met de 79th Street passeert – vlak voor de cappuccinobar Agata en Valentina; dat wil ik niet missen. Daarom hebben we het allemaal gedaan. Klokslag twaalf uur is Hubert Nijland uit Saasveld de eerste Tukker die wordt toegejuicht, op de voet gevolgd door de trainer van de groep, voormalig topatleet Marti ten Kate.

Dan gaat het door naar de Bronx en lonkt al voorzichtig het Central Park. Maar die laatste paar mijl, over het geaccidenteerde asfalt van het park, die wegen zo zwaar door. Sommigen blijven bij elkaar en vinden zo de noodzakelijke steun. Anderen rooien het op eigen houtje, blijven ook niet lang in de zone waar de families bij elkaar kunnen komen maar gaan onmiddellijk terug naar het Grand Hyatt-hotel, de afgelopen dagen het epicentrum van lopend Twente/Achterhoek. Per metro, per taxi, of per fietstaxi; een voor een druppelen ze binnen in de lounge van het hotel. Ferry de Roo uit Wierden is de eerste man, Josien Aveskamp uit Denekamp de eerste vrouw die de douches opzoekt. Zij zijn echter niet de eerste van de groep die is gefinisht. Ook Marti ten Kate is met zijn 3 uur 3 minuten niet de snelste. Die eer is weggelegd voor Benno Lutje Wagelaar uit Hengelo die onder de drie uur blijft: 2 uur 57 minuten.

Maar een marathon kent geen winnaars en verliezers: zeker de marathon van New York niet. En al helemaal niet voor al die deelnemers aan het project 'Met Marti naar Manhattan'. Zij zijn allemaal winnaar. Winnaar op zichzelf bijvoorbeeld. Zij zorgden er voor dat Manhattan een beetje Twents kleurde en een nog kleiner beetje Achterhoeks. Al was het maar omdat een Twentenaar weinig woorden nodig heeft om de heerlijkheid der dingen te omschrijven. Neem nu Ben Lammertink uit Enter die zijn vrouw Marion aanmoedigde. Terug in het hotel zei hij peinzend: ‘Het was gezellig ja. Echt een leuke dag….’ Zo is het; een leuke dag.

De Twentsche Courant Tubantia brengt morgen een extra bijlage van vier pagina’s uit. Daarin vindt u alle sfeerimpressies, foto’s en reacties van deelnemers aan de marathon van New York.

Laat Fons Krabbe maar lopen
Een zucht van verlichting ging donderdagavond door de lobby van het Grand Hyatt New York Hotel. Fons Krabbe was terecht. De 59-jarige ondernemer uit Weerselo arriveerde pas een dag later dan de rest van het loopteam van De Twentsche Courant Tubantia in de Big Apple. Zich in het geheel niet bewust van de onzekerheid, die zijn omzwervingen losmaakten bij de groep.

Het bizarre verhaal van Fons Krabbe begint woensdagmorgen op de luchthaven Schiphol. Daar blijkt een kopie van zijn paspoort niet voldoende om de reis over het grote water te mogen maken. Krabbe wordt doorverwezen naar de herkansing, de volgende ochtend mag hij het nog eens proberen. 'In het boekje dat iedereen heeft gekregen, staat dat ik een kopietje van mijn paspoort moest maken. Ik dacht dat er een soort groepspas was geregeld'. Fons pakt de eerste trein richting Hengelo, huurt daar een fiets en trapt met koffers op de bagagedrager naar Weerselo. 'Daar heb ik even in de stoel gezeten, wat gegeten en nog even televisie gekeken voor ik naar bed ging.'

In de prilheid van de volgende ochtend, om half vier, wrijft hij de slaap uit de ogen. Fietst doodgemoedereerd bepakt en bezakt naar Hengelo en neemt de eerste trein naar Schiphol. 'Om kwart over acht zat ik al in de lucht.' Een primeur voor hem, vliegen deed hij nog niet eerder. 'Formidabel man, al heb ik boven niet veel gezien. Alleen sneeuw. Ik dacht nog: had ik mijn ski's maar meegenomen.'

Eenmaal via Detroit in New York beland neemt hij de taxi naar het lopershotel en checkt er in. De begeleiders hebben er op dat moment geen weet van en maken zich zorgen. Waar blijft Fons Krabbe, de Engelse taal niet machtig en niet in het bezit van een mobieltje?'
'Ze waren me kwijt', meldt Krabbe, 'maar we hadden echt afgesproken dat ik wel op een of andere manier contact zou opnemen als ik in de problemen kwam. Nou, die heb ik niet gehad. Deze jongen redt zich al heel lang alleen.'

Een jaartje of geleden besloot hij zijn leven te verrijken door lange afstanden te gaan lopen. New York wordt al zijn zevende marathon. Hij deed twee maal mee in Berlijn, liep in Parijs, Rotterdam en Wenen en rende de klassieke afstand tegen de Jungfrau op. 'Het is altijd weer geweldig afzien. Na dertig kilometer begint het pas, geloof me maar.' In New York is hij ongewild het middelpunt van de belangstelling van de groep. 'Ik houd best van een geintje, maar dit heb ik ook niet voorzien. Ze kennen me nou allemaal.'

Ongerust hoeft niemand zich over hem te maken. Krabbe verwacht zondag ongeveer drie uur en vijftig minuten nodig te hebben om de streep te halen. Twintig minuten minder snel dan zijn rapste tijd ooit. 'Maar dit is dan ook wel een lastige, met aan het eind nog al die bultjes.'

De Friendshipsrun van zaterdag ging hem - als enige in korte broek - prima af. Het komt ook in die marathon van New York wel goed hem, belooft hij. Laat Fons Krabbe maar lopen.

Pijn trotseren
Het complete loopteam van de krant gaat zondag van start in New York. Ook Benno Tijdhof uit Aadorp en Matty Gerfen uit Neede gaan het 'gewoon' proberen. Tijdhof wordt gekweld door een behoorlijke hamstringblessure, Gerfen heeft al sinds augustus last van een scheefstaand bekken. Beiden willen de pijn echter trotseren. 'We zijn niet voor niets naar New York gegaan. Nu we hier zijn, willen we ook lopen.' Benno Tijdhof (44) liet gisteren wel de Friendshipsrun over zeven kilometer aan zich voorbijgaan. 'Ik kon wel janken, mag je gerust weten. Het hele jaar heb ik nergens last van gehad, het ging hartstikke lekker. Voor een tijd ga ik niet meer, ik wil nu alleen maar die streep halen. Fysiotherapeut Frank Koehorst heeft me verzekerd dat het kan, als ik maar rustige pasjes zet. Het wordt een kwestie van goed intapen en masseren. Ik zal misschien hinkend de finish halen en daarna een paar maanden niks kunnen doen. Maar ik ga het proberen. Ik heb niet voor niets een jaar lang met drie anderen getraind. Bennie Oude Rengerink bood me al aan dat hij wel bij me wilde blijven. Ik heb hem gezegd dat hij gewoon voor zichzelf moet lopen. Ondanks alles is dit toch een enorme belevenis. Alle mailtjes en telefoontjes hebben me op de been gehouden. En bij die vriendschapsloop heb ik in elk geval mooie foto's van de anderen kunnen maken.' Broer Johan (41) uit Oldenzaal, met hem eigenaar van een machinefabriek in die plaats, was heel wat plezieriger gestemd dan Benno. Hij kreeg onverwachts bezoek van twee supporters, zijn vrouw Monique en haar vriendin. 'We zagen hier opeens een knots van een spandoek hangen met "Groeten uit Oldenzaal". Schitterend, iedereen in de omgeving wist er blijkbaar van, alleen ik niet. Matty Gerfen viert in New York zijn jubileum. Het wordt zijn 25ste marathon. 'Het gaat iets beter', meldt Gerfen, die wel meedeed aan de Friendshipsrun. Eerder deze week was hij nog serieus van plan vroegtijdig terug te keren naar Nederland. 'Sinds augustus ben ik met deze blessure bezig. Mijn bekken is rechtgezet, maar ik heb nog steeds behoorlijk last. Frank Koehorst heeft me over de streep getrokken. Hij liet me geen keus, ik zou en moest die marathon lopen. Ik zie wel wat het wordt.'
In de wolken
Sander Greven uit Almelo heeft de trip naar New York aangegrepen om zijn vriendin Maaike ten huwelijk te vragen. Het aanzoek werd met graagte werd geaccepteerd. De dertigjarige fysiotherapeut had de reisorganisatie ATP in het 'complot' betrokken om Maaike te verrassen. Hij regelde een mooie rijtoer per koets rond en door het Central Park en vergastte haar met een luxe diner op de hoogste verdieping van een plaatselijk toprestaurant. De kamer van het stel in het Grand Hyatt New York Hotel werd ingericht als bruidssuite. Een warm bad met rondom rozenblaadjes, bloemen, opgeblazen ballonnen in de vorm van een hart en champagne brachten Sander en Maaike in romantische sferen. Vrijdag waren ze ook letterlijk met elkaar in de wolken, toen Sander zijn aanstaande bruid trakteerde op een helikoptervlucht boven New York.
De beentjes waren er aan toe

'Nu snappen jullie waarom we zoveel trainingen hebben gedaan op de Holterberg en in De Lutte', sprak trainer-coach Marti ten Kate de groep toe. 'Vooral naar beneden lopen toe is erg lastig, dat ga je voelen.' Hoewel het merendeel van de lopers geen ervaring heeft met het afleggen van de klassieke afstand, verwacht fysiotherapeut Frank Koehorst geen grote problemen op de wedstrijddag zelf. 'Er zullen er maar weinig uitvallen', denkt Koehorst. 'Deze ploeg is zo goed getraind en heeft zulke pittige trainingen achter de rug dat het wel snor zit. Ze zullen nu echt niet meer voor grote verrassingen komen te staan.' De reis naar Amerika en de eerste dagen in New York hebben volgens Koehorst wel een forse aanslag op de fitheid van de deelnemers gepleegd. 'Diverse lopers hadden last van kleine pijntjes en ongemakjes als gevolg van diverse factoren. Het tijdverschil, weinig slaap, te weinig drinken, het niet gewend zijn aan de airco, dat soort dingen. Mensen verdampen gewoon heel veel vocht en zijn van huis, ook nog eens ver. Ze hebben geen grip op hun lichaam en snappen niet dat ze uitgerekend nu geblesseerd zijn. Daar komt bij dat ze de laatste weken heel veel kilometers hebben gemaakt tijdens de duurlopen en de afgelopen week bijna niet gelopen hebben. Daar worden ze gek van.'

Paul Brugman uit Haaksbergen dacht er zelfs serieus over maar het vliegtuig naar huis terug te nemen. 'We hebben hem meegenomen op een persoonlijke excursie en hem uitgelegd dat hij het normale tijdschema weer op moest pakken. Hij voelde zich na afloop een heel stuk beter.' Het hoort allemaal bij een gezonde dosis wedstrijdspanning, oordeelt Frank Koehorst. 'Veel dingen zitten gewoon tussen de oren. De grootste zorg is niet dat velen hun eerste marathon lopen, maar dat ze zich na die hele tijd in dat vliegtuig te hebben gezeten, gewoon niet lekker voelen. Logisch, want urenlang gebogen in zo'n stoel zitten is niet prettig. Dat geeft de meesten een ongemakkelijk idee. Maar de meesten hebben zich er geweldig doorheen geslagen. Vooral die eerste groep, die zo lang onderweg is geweest. We hebben geen wanklank gehoord.'

Op zich kan iedereen die dat wil een marathon volbrengen, zegt Koehorst. 'Maar het hangt vooral van de spieren en gewrichten af van de mensen. Vergeet niet dat je drie tot vijf keer je eigen lichaamsgewicht moet opvangen bij elke stap die je zet. Elk been landt duizend keer per kilometer op de weg. Daar moeten de botten en het kapsel wel tegen kunnen. Je kunt een marathon in principe zelfs best zonder training lopen, maar dan loop je zoveel weefsel kapot dat het nooit voor een tweede keer zal lukken. Wil je het vaker doen, dan zul je het toch minimaal een jaar lang moeten opbouwen.' De lopersgroep van De Twentsche Courant heeft die minitieuze voorbereiding ondergaan. Frank Koehorst: 'Wat ik zo fantastisch vind is dat de marathon in principe een heel individualistische sport is en dat je hier dat geweldige saamhorigheidsgevoel proeft. Ze hebben zondag allemaal dat oranje shirt aan en dan dondert 't niet wie je bent. Dan ben je allemaal hetzelfde. Een van de winstpunten is ook dat de lopers stuk voor stuk ontzettend weerbaar zijn geworden. Ze krijgen het idee: als ik die marathon kan uitlopen, draai ik voor andere dingen mijn hand ook niet meer om. De meesten realiseren zich nog niet wat ze van dit project hebben geleerd. Niet in de laatste plaats van zichzelf.

Hennie Ensink recht de rug
Hennie Ensink weet het zeker. New York wordt zijn derde en laatste marathon. De 55-jarige Enschedeëer wordt geplaagd door rugklachten. 'Twee wervels schuiven zo ongeveer over elkaar en dat maakt het gewoon steeds lastiger om duurlopen te doen. Ik loop al twee maanden bij een rugkliniek in Delden. Ik ga dan ook niet voor de tijd, maar voor de marathon. Het is heel bijzonder, ik had dit voor goud willen missen.'

Hennie Ensink, een jaartje of dertig geleden robuuste voorstopper van Enschedese Boys, is sinds maandag voorzitter van amateurclub Phenix. 'Maar ik blijf lid van de Boys.'
Daar was hij negen jaren preses 'in de moeilijke jaren nadat de club allerlei spelers aankocht. Dat ging ten koste van de vereniging zelf. Maar gelukkig zijn we het dal aardig uitgekomen.'
Hillary Clinton aan oog ontsnapt
Van een limousine meer of minder kijkt niemand in New York meer op. Vandaar dat de aanwezigheid van Hillary Clinton vrijdagavond in het Grand Hyatt New York Hotel voor de lopers van de lezersgroep van De Twentsche Courant Tubantia vrijwel geheel onopgemerkt bleef. De gouverneur van de staat New York kwam ook niet speciaal voor hen, maar woonde in haar functie een liefdadigheidsdiner bij in het hotel.

Attje Boom uit Enschede en trainer Benny Oude Rengerink uit Hengelo, mede-organisator van de Wooldereslopen in zijn woonplaats, hadden wel aandacht voor een andere limousine. Attje: 'We liepen vrijdagmorgen het hotel uit om ergens anders te gaan ontbijten, toen we buiten een limo van 25 meter lang zagen staan. Er stapte net een of andere voor ons onbekende Italiaanse filmster uit. We mochten even binnenkijken. Er zat een complete bar in, fantastisch. Toen we de chauffeur voor de lol vroegen of hij ons niet even naar het ontbijtrestaurant wilde brengen, zei hij nog ja ook. Hij zei nog wel dat het per persoon eigenlijk 25 dollar moest kosten. Maar we hebben mooi niks betaald. Ik dacht: als je zo'n auto kunt aanschaffen, kan zo'n ritje voor twee man er ook wel af.'

Foto's van het verjaardagsfeestje van Bianca Dekker (42 jaar)
Efteling-gevoel in New York
Bij de meesten is de spanning merkbaar. Er wordt gedold om de eigen zenuwen te camoufleren. Anderen tonen zicht- en hoorbaar spoortjes van twijfel. Is de voorbereiding echt voldoende geweest en kan ik de neiging me over de kop te lopen onderdrukken? New York is toch anders dan buffelen over de Holterberg of in De Lutte. En al helemaal als je, zoals tachtig procent van de Twentse deelnemers, voor het eerst een hele marathon wilt trotseren. Specialist Marti ten Kate heeft alle vertrouwen in zijn pupillen. De ‘hoofdtrainer’ stelde tijdens de laatste clinics met voldoening vast, dat de mannen en vrouwen afstanden van dertig kilometer zonder problemen aankunnen. ‘Die hebben ze onder controle, dus ze zijn goed voorbereid. Dan lukt dat laatste stuk ze ook wel. De laatste twee maanden was er elke week wel wat te doen, ze maakten loopafspraken via de website. Prachtig gewoon.’

Bij velen zat de vermoeidheid gisteren in het regenachtige New York nog wel behoorlijk in de benen. Zeker bij de groep, die woensdagmorgen vroeg om half vier vanuit Enschede met de bus richting Schiphol vertrok. De geplande vliegreis naar Kopenhagen werd afgeblazen. De route boven IJsland kon niet worden gevlogen, omdat in dat land een vulkaan tot uitbarsting kwam. De KLM annuleerde een vijftigtal vluchten en zette vele andere om. De reis ging nu niet via Kopenhagen, maar richting Washington. Daar kwam de volgende tegenvaller. De aansluiting richting New York werd gemist, waardoor eerst koers moest worden gezet naar Chicago. Pas na middernacht, maar nu Amerikaanse tijd, werd het eindpunt bereikt en kon het bed in het Grand Hyatt New York eindelijk worden opgezocht. Ten Kate: ‘Om vijf uur over drie in de Amerikaanse middag vlogen we al over het Vrijheidsbeeld, heel apart.’ De totale reistijd besloeg uiteindelijk 27 uur. Het motto van de trip ‘Met Marti naar Manhattan’ krijgt een variant: ‘Met Marti in alle staten’.

Het geeft het saamhorigheidsgevoel van de lopers nog een extra dimensie. Want bijzonder is het toch al om samen met tot voor kort nog onbekenden het gevecht met de klassieke afstand aan te gaan. Eddy Woesthuis, vertegenwoordiger van ‘s lands grootste nootjesproducent: ‘Zo’n afstand lopen kun je overal waar je dat wilt, als het moet rond de plaatselijke kerk. Maar om dat uitgerekend hier en met zo’n club te doen, dat geeft een enorme kick.’ Dat vindt ook Ferrie de Roo, prins carnaval te Wierden. Hij liep al drie keer een marathon, waarvan eenmaal als onderdeel van een triatlon: ‘Je hoeft nergens over in te zitten, want overal wordt voor gezorgd. Heel apart om mee te maken, ook alles eromheen. Het is een andere wereld. Bestel je een small coffee, krijg je een bak voor twee dagen. Alles is hier groter.’ Zondag geldt dat ook voor hem en al die andere lopers in New York.

Wethouder klaar voor hele marathon

De Hengelose wethouder Henk Nijhof is klaar voor zijn eerste hele marathon. Hij heeft zich goed voorbereid en laat de plaatselijke politiek een week voor wat die is. De 52-jarige Nijhof (GroenLinks) bekeek zondag voor de zekerheid de voetbalwedstrijd van het tiende elftal van Tubantia maar vanaf de zijlijn. De middenvelder wilde niet het risico lopen geblesseerd te raken. Nijhof heeft ook al voor ogen met welke tijd hij zondag tevreden zal zijn. 'Ik gok op twee uur en 135 minuten', grinnikt hij. Dat klínkt in elk geval alvast goed.

Een onvergetelijke ervaring
De eerste vlucht van de New York gangers, waarop ook Marti ten Kate zit, heeft gisterochtend meteen al een fikse vertraging gehad in verband met mist. De vlucht zou om 9.00 uur vertrekken via Kopenhagen naar vliegveld Newark bij New York. Het toestel is pas om 11.00 uur vertrokken. Voor loper Wim Klein Poelhuis uit Buurse was het een bijzondere vlucht. Omdat hij last heeft van vliegangst mocht hij de start van de vlucht vanuit de cockpit meemaken. Hij had die uitnodiging te danken aan co-piloot Peter Grob uit Borne, die zondag zelf ook meeloopt in New York. Klein Poelhuis is volgens eigen zeggen, na z'n onvergetelijke ervaring in de cockpit over z'n vliegangst heen. Op de foto kijkt Peter Grob lachend toe hoe piloot Reinders uitleg geeft aan lopers Klein Poelhuis en Theo Sterenberg. (Foto's Wouter Borre)

Top